Een nieuwe generatie Europese politici?

Op een doordeweekse herfstavond zijn twee zalen van het Haagse Nieuwspoort gevuld met druk converserende jongeren in groepen of tweetallen, overwegend goed gekleed en welbespraakt. Bier, wijn, hapjes en papieren gaan van hand tot hand. Als de bar kort na elven sluit, verplaatst het meer dan honderd man-vrouw grote gezelschap zich te voet naar de jeugdherberg om daar verder te gaan waar het gebleven was. De meesten blijven tot ver na middernacht opmerkelijk serieus en diplomatiek. Vermoeid bestijgen ze daarna de trap naar de slaapzalen. De lobby-avond van het European Parliament for Students 2004 is ten einde.

Tijdens dit drie dagen durende evenement, georganiseerd door de Stichting Student Forum for European Affairs (SFEA), simuleren studenten het Europees Parlement. Waarom? SFEA-president en student bedrijfswetenschappen Merijn Koelewijn (26) wil “de dialoog over Europa nu en in de toekomst actief stimuleren, opdat het een werkelijkheid wordt waar mensen in gaan geloven.”

Het Europees Parlement voor Studenten (EPS) wordt voor de allereerste keer gehouden. De studenten, letterlijk komende van Groningen tot Maastricht, hebben allemaal tijd vrij gemaakt om zich samen te verdiepen en in te leven in de Europese politiek. Ze zijn ingedeeld in een commissie (Buitenlandse Zaken en Defensie, Cultuur en Onderwijs, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Industrie en Energie, Binnenlandse Zaken en Justitie) en in een delegatie van een lidstaat. “25 landen, 5 commissies, 3 dagen” – vermeldt de SFEA-flyer. Voorafgaand aan het EPS hebben deelnemers informatie opgedaan bij de ambassadeur van ‘hun’ land en bij een deskundige op hun beleidsterrein, de terrorismedeskundige van Clingendael, bijvoorbeeld. Nu is aan elke commissie de taak om een resolutie op te stellen en die (bij voorkeur ongeamendeerd) door de plenaire slotzitting te loodsen. Net als in Brussel en Straatsburg hebben de studentparlementariërs dus zowel commissie- als landsbelangen voor ogen. Het verschil is echter dat de studenten niet in politieke fracties zitten en dat ze slechts één taal spreken. Simulatie op deze punten was volgens de organisatie in zo’n kort tijdsbestek niet haalbaar. Wel hebben de studenten met hun professionele collega’s het rondreizen gemeen. Silvio Berlusconi noemde Europarlementariërs toeristen in democratie. Die typering valt vanuit een jeugdherberg moeilijk te ontkennen. Bovendien is het aantal vergaderlocaties, weliswaar binnen Den Haag, indrukwekkend: van de Sociaal-Economische Raad en het Rode Kruis tot de Kamer van Koophandel.

Aan het vroege ontbijt op de slotdag vertelt Peter Kugel, lid van het presidium, over zijn EU-gevoel. Dat zit er al van jongs af aan in, toen hij deelnam aan het Model European Parliament, dat destijds in Parijs werd gehouden. Hij bladert door de Volkskrant, die melding maakt van de ondertekening van de Europese grondwet door de regeringsleiders in Rome. In zijn werk als advocaat bij AKD Prinsen van Wijmen N.V. ziet Peter dagelijks hoe Europees recht steeds vaker direct ingrijpt in mensenlevens. Bijvoorbeeld met milieuregels, die zonder tussenkomst van de Nederlandse overheid aan bedrijven worden opgelegd. Het democratisch tekort in Europa en de macht van lobbyisten ontkent hij zeker niet. Wel signaleert hij dat men geneigd is Brussel ten opzichte van de nationale democratieën te zeer af te kraken. “Lobbyisten zijn bij elk parlement te vinden, maar het zijn nog altijd de parlementariërs die de dienst uitmaken. Bovendien worden alle belangen vertegenwoordigd. Je kunt je alleen voorstellen dat lobbyisten voor de industrie royaler te werk kunnen gaan dan hun collega’s van de milieulobby.”

Deelneemster Jonneke Reichert (20), die flink heeft gelobbyd voor haar commissie Buitenlandse Zaken en Defensie en Estland, bekent dat bij haar het EU-gevoel niet zo’n rol speelt. Zij heeft zich aangemeld om zich een mening over de verschillende Europese issues te vormen in een open debat. Commissiegenoot Lisa Vermeer (22) stemt daarmee in. Als rechtenstudent is ze gefascineerd door Europees recht en voorstander van verdergaande integratie. Aan de andere kant is ze realistisch en zegt dat Europa nog een lange weg te gaan heeft. Wat ze hier bij het EPS ziet is ook overwegend Realpolitik. Wel zitten er mensen tussen met een passie voor Europa. Na lang doorvragen geeft Lisa uiteindelijk toe dat ze eigenlijk ook net als Neelie Kroes namens de liberalen een stoel in de Europese Commissie zou willen bezetten.

Kort voor de opening van de slotzitting vertelt het Oostenrijkse commissielid voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid Joost de Vries dat hij een amendement zal indienen op het voorstel om per 1 mei 2006 vrij verkeer van werknemers toe te staan. Dat zou betekenen dat goedkopere werknemers uit het nabijgelegen Slowakije dagelijks als forens de grens over zouden steken naar bijvoorbeeld Wenen, ten koste van de binnenlandse werkgelegenheid. Aan de met luxe koffiekopjes gevulde tafel in het dito Zuid-Hollandse Provinciehuis gaat het gesprek verder over de toetreding van Turkije. Een vertegenwoordiger van Cyprus is vóór, als aan een aantal voorwaarden voldaan wordt. Griekenland gaat daar in mee en kan zelfs melden dat een lid van de regering onlangs een belangrijke Turkse bruiloft heeft bijgewoond, in het kader van de “warme relatie” die beide landen willen opbouwen.

In de openingsspeech van Sjerp van der Vaart, directeur van het Bureau Europees Parlement Den Haag, dringt de actualiteit zich weer op. Het grondwettelijke verdrag dat zojuist is getekend en de institutionele crisis, die benoeming van de omstreden Eurocommissaris Buttiglione ten gevolge zou hebben. Van der Vaart zegt EU-voorzitter Balkenende in deze moeilijke kwestie zeker niet te benijden en vreest dat bij terugtrekken van de EVP-kandidaat Buttiglione ook offers van andere fracties zullen worden gevraagd. Verder wijst hij de studenten op de dwang van de Europese markt, waardoor bijvoorbeeld Nederlandse master-diploma’s minder waard worden. We móeten dus wel mee met Europa. Hij besluit met een stemverheffing: “Onderschat het belang van jullie Studentenparlement niet! Andere lidstaten zouden er een voorbeeld aan moeten nemen. Ik wens u veel wijsheid en plezier toe.”

Het u blijft de hele dag in, de voorzitter wordt steeds netjes aangesproken, net als de landen (het Koninkrijk Denemarken). De vijf resoluties, die in twee dagen zijn opgesteld, moeten allemaal behandeld worden en dat vereist vergaderdiscipline. Twee delven het onderspit, één om procedurele redenen, één vanwege landsbelangen. De sprekers tonen zich zeer gedreven en zeker van zichzelf. “Polen vraagt zich af waarom in de resolutie van Industrie en Energie geen aandacht is voor de Aziatische markt, die steeds belangrijker wordt.” Het antwoord luidt als volgt: “Mijnheer de voorzitter, namens de commissie kan ik u zeggen dat wij dit in overweging hebben genomen, maar geen diplomatieke crisis van de Unie met China inzake Taiwan wilden riskeren.” De resolutie van Cultuur en Onderwijs haalt het, ondanks een fel betoog tegen een Europees tv-kanaal en filmsubsidies van het Verenigd Koninkrijk. En freedom fries moeten weer gewoon french fries gaan heten. Althans, daar willen de studenten bij de Verenigde Staten op aandringen.

Dat was dat. In welk licht moeten we dit Europees Parlement voor Studenten nu zien? Deelneemster Hester van Zwet (24) vond het vooral leuk en interessant. Als vertegenwoordiger van Griekenland kroop ze tijdens de landenpresentaties even in de rol van Europa, die volgens de mythologie door Zeus geschaakt werd. Of ze verder nog iets met Europa zou willen? “Nee, eerlijk gezegd ben ik meer geboeid door de VN, door wereldpolitiek. Vorig jaar deed ik mee aan Unisca, een simulatie van de VN-vergadering. Europese politiek trekt me minder. Al vind ik het sociale gelijkheidsideaal van de Unie mooi.” Het SFEA-bestuur is enthousiast over het verloop van hun eerste EPS. “Volgend jaar komt er zeker weer één, daarna hebben we plannen op Europees niveau”, aldus bestuurslid Joanne Verweij.

Realpolitik, landsbelangen, vergaderdiscipline. Deze begrippen lijken onherroepelijk gekoppeld te zijn aan de Europese Unie anno 2004. Geen van de geïnterviewde deelnemers gaf te kennen grote bezwaren te koesteren tegen de technocratische benadering van de Brusselse politici. Idealen en ambities zijn er wel, maar de realiteit wordt scherp in de gaten gehouden. Een tekenend voorbeeld was een amendement van Spanje om een ‘haalbaarheidsstudie’ voor Europese televisie uit te voeren.

En een ever closer Union? Die is onafwendbaar, als we de studenten mogen geloven. De inleiding van het SFEA-bestuur in het programmaboekje gaat zelfs helemaal voorbij aan de keuze voor of tegen de EU. Het zou slechts gaan om de ‘invulling’ ervan. Een aanzienlijk Comité van Aanbeveling, Staatssecretaris van Europese Zaken Nicolaï en zelfs Prins Constantijn steunen hen daarin. De prins wenst hen toe nog geïnspireerder te raken om een Europese ambitie te ontwikkelen. De mogelijke bron van inspiratie blijft echter onduidelijk, en ‘Europa’ even mythisch als in het oude Griekenland. Wat heeft Turkije dat Israël en de Oekraïne niet hebben? Niemand die het kan uitleggen. De nieuwe generatie Eurocraten (verondersteld dat die hier aan het woord was) lijkt meer waarde te hechten aan vakkundigheid, in de economie, rechten en politicologie. En waarom niet…. De kiezer heeft zich bij de Europese verkiezingen toch duidelijk voor no nonsense en transparantie uitgesproken? We wachten de declaraties af.

Alle rechten voorbehouden
© 2006-2010
RSS